De Galapagoseilanden: dierenrijk op de evenaar

Home  >  Artikelen  >  De Galapagoseilanden: dierenrijk op de evenaar

De Galapagoseilanden liggen midden in de Stille Oceaan en behoren tot Ecuador. De archipel is vooral bekend om dieren die nergens anders voorkomen, maar heeft ook een geschiedenis van zeevaarders, Darwin, kolonisten en streng beschermd toerisme.

Zeeleeuw op de vulkanische kust van de Galápagoseilanden
Een zeeleeuw tussen de vulkanische rotsen van de Galápagoseilanden. Foto/kaart: Clark Anderson / Aquaimages / Wikimedia CommonsCC BY-SA 2.5 Voor Landenverzamelaars geoptimaliseerd voor webweergave en als JPG opgeslagen; beeldverhouding behouden en niet bijgesneden.
Kort samengevat
  • De Galapagoseilanden liggen rond de evenaar en behoren tot Ecuador.
  • Door hun geïsoleerde ligging leven er veel dieren en planten die nergens anders voorkomen.
  • Charles Darwin bezocht de eilanden in 1835 en gebruikte zijn waarnemingen later bij zijn evolutietheorie.
  • Toerisme is belangrijk, maar wordt streng gereguleerd om de kwetsbare natuur te beschermen.

Een eilandengroep midden in de Stille Oceaan

De Galapagoseilanden liggen rond de evenaar, ongeveer duizend kilometer ten westen van het Ecuadoraanse vasteland. Ze vormen een provincie van Ecuador, maar voelen door hun ligging en landschap als een eigen wereld. De archipel bestaat uit grotere eilanden, kleine rotsen en vulkanische kustgebieden verspreid over een groot stuk oceaan.

De eilanden verschillen sterk van elkaar. Op sommige plaatsen overheersen zwarte lavavelden, droge struiken en hoge cactussen. Elders liggen groene hooglanden, zandstranden en beschutte baaien. De meeste inwoners wonen op Santa Cruz, San Cristóbal, Isabela en Floreana. Puerto Baquerizo Moreno op San Cristóbal is de provinciale hoofdstad, terwijl Puerto Ayora op Santa Cruz het belangrijkste centrum voor toerisme is.

Dieren die nauwelijks bang zijn voor mensen

De bijzondere dierenwereld is de voornaamste reden waarom de Galápagos wereldwijd bekend zijn. Reuzenschildpadden leven in de hooglanden, zeeleguanen liggen op zwarte rotsen en blauwvoetgenten vallen op door hun felblauwe poten. Langs de kust zijn zeeleeuwen, pinguïns, fregatvogels en pelikanen te zien.

Veel soorten komen nergens anders ter wereld voor. Omdat de eilanden lange tijd geïsoleerd lagen en er weinig grote landroofdieren waren, reageren sommige dieren opvallend rustig op mensen. Bezoekers kunnen daardoor zeeleeuwen op een steiger aantreffen of leguanen naast een wandelpad zien liggen. Afstand houden blijft verplicht.

Ook planten pasten zich aan de plaatselijke omstandigheden aan. In droge gebieden groeien onder meer schijfcactussen en lavacactussen, terwijl in de vochtiger hooglanden struiken, grassen en bomen voorkomen. Zelfs binnen één dier- of plantengroep ontstonden verschillen tussen de eilanden.

Zeevaarders, schildpadden en Darwin

De eilanden werden in 1535 bij toeval door de Panamese bisschop Tomás de Berlanga bereikt. Later gebruikten piraten en walvisvaarders de archipel als rustplaats. Zij namen grote aantallen reuzenschildpadden mee als voedsel, omdat de dieren lang zonder eten of drinken konden overleven. Ook brachten bezoekers geiten, ratten en andere uitheemse dieren mee, die grote schade aanrichtten aan de oorspronkelijke natuur.

Ecuador nam de eilanden in 1832 officieel in bezit. Drie jaar later bezocht Charles Darwin de archipel tijdens de reis van de HMS Beagle. Hij bestudeerde onder meer vogels, schildpadden en planten. De verschillen tussen soorten op afzonderlijke eilanden droegen later bij aan zijn ideeën over evolutie door natuurlijke selectie.

Permanente bewoning kwam langzaam op gang. Kolonisten leefden lange tijd vrij geïsoleerd en probeerden landbouw, visserij en veeteelt op te bouwen. In de twintigste eeuw werden natuurbescherming en wetenschappelijk onderzoek steeds belangrijker.

Toerisme tussen vaste routes en strenge regels

De meeste reizigers vliegen vanuit Quito of Guayaquil naar Baltra of San Cristóbal. Vanaf daar zijn de eilanden per boot, veerverbinding of binnenlandse vlucht bereikbaar. Bezoekers kunnen in plaatsen als Puerto Ayora verblijven en dagtochten maken, of met een cruiseschip meerdere eilanden bezoeken.

Vrij rondzwerven is niet overal toegestaan. Het grootste deel van het landoppervlak behoort tot het nationale park. Veel locaties mogen alleen met een erkende natuurgids worden bezocht en schepen krijgen vaste routes en aanlegplaatsen. Op wandelpaden gelden regels over afstand tot dieren, eten en het meenemen van planten of stenen.

Ook bij aankomst worden bagage en goederen gecontroleerd. Daarmee probeert Ecuador te voorkomen dat nieuwe insecten, zaden of ziekten op de eilanden terechtkomen. Toerisme levert veel werk en inkomsten op, maar zorgt tegelijk voor extra verkeer, afval en druk op de natuur. Daarom wordt de toegang tot kwetsbare plaatsen beperkt en worden ingevoerde dieren en planten actief bestreden.

Bronnen en verder lezen

  1. Galápagos Islands – UNESCO World Heritage Centre
  2. About Galapagos – Charles Darwin Foundation
  3. Darwin’s Finches and Evolution in Real Time – Charles Darwin Foundation
  4. Especies invasoras son controladas en sitios de visita de la Isla Isabela – Parque Nacional Galápagos

Landenverzamelaars?